Diarree bij PDS, waarom je darm te snel werkt en wat helpt

Diarree bij PDS betekent dunne, dringende ontlasting die je dag gaat bepalen. Je plant je afspraken rond de dichtstbijzijnde wc en houdt rekening met aandrang die ineens opkomt. Bij deze vorm, PDS-D, werkt je darm te snel en geeft hij gewone signalen te scherp door. Er blijft te weinig tijd om vocht uit de ontlasting te halen, en de boel schiet in beweging op momenten dat het niet uitkomt. Die overgevoelige, snelle darm valt bij te sturen, via wat en hoe je eet, via je leefstijl en via de spanning die hem aanjaagt.

Diarree kan veel oorzaken hebben, en dit artikel stelt geen diagnose. Alleen een arts kan vaststellen wat er bij jou speelt. Ga eerst naar je huisarts als je nog geen diagnose hebt, of wanneer je alarmsignalen merkt zoals bloed bij de ontlasting, onbedoeld afvallen, koorts, diarree die je ’s nachts wakker maakt, of een ontlastingspatroon dat ineens verandert. Wat je hier leest, is bedoeld naast de zorg van je huisarts.

Prikkelbaredarmsyndroom (PDS) is een van de meest voorkomende darmaandoeningen, en PDS-D is de vorm waarbij dunne ontlasting en aandrang op de voorgrond staan. De “D” staat voor diarree. Veel mensen denken dat het aan henzelf ligt, terwijl artsen en behandelaars er dagelijks mee werken. Wil je eerst het bredere plaatje van de klachten, kijk dan bij de symptomen van PDS.

Wat PDS-D is en hoe de vormen verschillen

Artsen delen PDS in naar hoe je ontlasting er op de meeste dagen uitziet. Die indeling komt uit de internationale Rome-criteria. De verdeling hieronder volgt Rome IV (2016), het kader waarmee ook de Nederlandse richtlijn werkt; internationaal verscheen in 2026 de opvolger Rome V.1 Bij PDS-D is je ontlasting op de meeste slechte dagen brijig tot waterig. Bij verstopping (PDS-C) is hij hard en droog, en bij het gemengde type (PDS-M) wisselen dunne en harde ontlasting elkaar af.

Die indeling helpt om te kiezen wat zinvol is om te proberen, want wat een trage darm op gang helpt, kan een snelle darm juist meer van streek maken. De vorm kan trouwens in de loop van de tijd verschuiven. Iemand met vooral diarree schuift later soms op naar het gemengde type. Dat hoort bij het wisselende karakter van PDS en wijst zelden op iets ergers. Welke vorm bij jou past, lees je in het artikel over de typen PDS.

Bij onderzoek ziet de darm er gezond uit. Het probleem zit in de afstelling, want de samenwerking tussen je hersenen, je zenuwstelsel en je darm is overgevoelig geraakt. Juist daarom voelt het zo echt en lichamelijk, terwijl er geen ontsteking of beschadiging te vinden is.

Hoe vaak PDS voorkomt

Wereldwijd heeft ongeveer 4 procent van de volwassenen PDS volgens de strenge Rome IV-maat, en vrouwen vaker dan mannen.2 Hoeveel mensen precies het diarree-type hebben, wisselt per onderzoek, juist omdat mensen in de loop van de tijd tussen de vormen schuiven. Belangrijker dan het exacte percentage is wat het je vertelt: je bent met deze klacht in goed gezelschap, ook al praat bijna niemand er hardop over.

Waarom je darm te snel werkt

Eén begrip maakt het meeste duidelijk, de brein-darm-as. Dat is de verbinding tussen je hoofd en je buik via zenuwen en signaalstoffen. Je hersenen en je darmen staan de hele dag met elkaar in contact, en dat verkeer loopt twee kanten op. Bij PDS staat die lijn gevoelig afgesteld, waardoor gewone prikkels harder aankomen en de darm heftiger reageert. Hoe die verbinding werkt, lees je in het artikel over de brein-darm-as.

Je kunt de darm bij PDS-D zien als een lopende band die te snel loopt. De inhoud schuift er zo vlot doorheen dat er te weinig tijd overblijft om er vocht uit terug te halen. Wat er dan uitkomt, is dunner en dringender, vaak vlak na het opstaan of kort na een maaltijd.

Een belangrijke speler is de gastrocolische reflex, de normale prikkel die je dikke darm in beweging zet zodra er eten in je maag komt. Bij iedereen werkt die reflex, en bij PDS is hij vaak versterkt. Daardoor krijg je kort na het eten al aandrang, soms binnen een halfuur. Dat verklaart waarom je juist na een maaltijd naar de wc moet, iets wat het artikel over buikpijn na het eten verder uitlegt.

Schema van waarom de darm bij PDS-D te snel werkt: eten versterkt de darmreflex, serotonine komt te hoog uit waardoor de darm te snel samentrekt, en de overgevoelige darmwand voelt gewone prikkels al als aandrang, met dunne en dringende ontlasting als gevolg

Figuur 1. Waarom je darm bij PDS-D te snel werkt. De darm is gezond, maar staat op drie punten te scherp afgesteld.

Serotonine, de stof die diarree en verstopping uit elkaar drijft

Serotonine verklaart waarom de ene mens met PDS diarree krijgt en de ander verstopping. Je kent serotonine misschien als “gelukshormoon” uit het brein, terwijl het grootste deel in je darmwand zit, waar het regelt hoe snel je darm beweegt en hoeveel vocht hij meegeeft.3 Komt er een prikkel binnen, zoals eten, dan komt er serotonine vrij en zet dat de darm aan het werk.

Bij PDS-D lijkt er na het eten te veel serotonine vrij te komen.4 De darm trekt dan te sterk en te snel samen en geeft te veel vocht mee. Bij de verstoppingsvorm gebeurt vaak het omgekeerde, met te weinig van dit signaal. Hetzelfde systeem, een andere afstelling, een tegengesteld gevolg. Daarom werkt bij PDS-D en PDS-C zelden dezelfde aanpak. Wil je deze rol van serotonine helemaal volgen, lees dan hoe serotonine PDS-D en PDS-C laat verschillen.

Een darm die ook scherper voelt

De darmwand zelf is bij PDS vaak ook overgevoelig. Dat heet viscerale overgevoeligheid, een darm die heftiger reageert op gewone prikkels dan gemiddeld.5 Een normale hoeveelheid gas of een gewone darmbeweging voelt dan al als kramp of dringende aandrang, terwijl datzelfde bij een ander amper opvalt. De prikkel is gewoon, alleen komt hij eerder en harder binnen.

Zo ontstaat de lastige combinatie bij PDS-D, een darm die te snel gaat en tegelijk te scherp voelt. Daardoor blijf je vaak met een onrustig, dringend gevoel zitten, ook als er weinig in je darm zit. Over die te scherp afgestelde gevoeligheid gaat het artikel over viscerale overgevoeligheid bij PDS.

Waarom stress er recht doorheen gaat

Spanning werkt in op je darm via je autonome zenuwstelsel, het deel dat automatisch werkt. Dat systeem heeft een opjagende stand en een rustige stand. In een gespannen of gehaaste periode schiet je lichaam in de opjagende stand, en daar hoort een snellere darm bij. Bij een toch al snelle darm merk je dat al gauw, en zo kan diarree opspelen vlak voor een spannend moment, zoals een presentatie of een lange autorit. Bij PDS zijn er ook aanwijzingen dat het stresssysteem wat ontregeld is, wat bij deze gevoeligheid past.6

Dat je darm juist bij spanning leegloopt, is oude biologie. In een situatie die je lichaam als dreiging leest, schakelt het over naar de overlevingsstand, en een volle darm is dan ballast. Bij een gevoelige, snelle darm springt dat oeroude mechanisme te makkelijk aan, ook als de “dreiging” een drukke werkdag is of een afspraak waar je tegenop ziet. Het is een echte lichamelijke reactie op spanning, en het loont om die spanning mee aan te pakken. Hoe spanning en darm op elkaar inwerken, lees je in het artikel over stress en je darmen.

Soms zit er een aanwijsbare oorzaak achter

PDS-D ontstaat lang niet altijd uit het niets. Bij een flink deel van de mensen begint het na een buikgriep of voedselvergiftiging. Dat heet post-infectieuze PDS, waarbij de darm na een darminfectie overgevoelig en sneller blijft werken, ook als de infectie zelf allang weg is. Het risico op PDS ligt na zo’n infectie ongeveer vier keer hoger.7 Herken je dat je klachten na een nare buikgriep begonnen, dan past dat in dit beeld, dat het artikel over post-infectieuze PDS verder uitlegt.

Er is nog een oorzaak die de moeite waard is om te kennen, omdat ze goed behandelbaar is. Bij een deel van de mensen met PDS-achtige diarree neemt de darm galzuren onvoldoende op. Die galzuren komen in de dikke darm terecht en jagen daar de boel aan, met dunne ontlasting als gevolg. In onderzoek heeft ongeveer een kwart tot een derde van de mensen met diarree-PDS deze galzuurmalabsorptie.8 Je huisarts of maag-darm-leverarts kan hierop testen en er gericht iets aan doen. Het loont dus om je klachten te laten uitzoeken.

Wat kan helpen bij PDS-D

Een knop die de diarree uitzet bestaat niet, maar er is veel dat je kunt proberen. De rode draad is de te snelle darm kalmeren in plaats van hem op te jagen.

Schema met vier richtingen die kunnen helpen bij PDS-D: rustig eten met oplosbare vezels, het laag-FODMAP-dieet onder begeleiding, rust en brein-darm-behandeling voor een kalmer zenuwstelsel, en samen met de huisarts kijken naar behandelbare oorzaken en medicatie

Figuur 2. Vier richtingen die kunnen helpen bij PDS-D. Wat het beste werkt, verschilt per persoon.

Begin bij wat en hoe je eet, en dan niet door streng te schrappen maar door je darm minder te prikkelen. Eet rustiger en in kleinere porties, zodat de reflex na het eten een zachter startsein krijgt. Let op of koffie, alcohol of erg vet eten je klachten aanjagen. Met vezels is het opletten: oplosbare vezels zoals psyllium (vlozaad) kunnen de ontlasting wat indikken en zo helpen, terwijl zemelen (onoplosbare vezels) in datzelfde onderzoek geen aantoonbaar voordeel gaven.9 Bouw vezels langzaam op met genoeg water. Meer daarover staat in het artikel over vezels bij PDS.

Een voedingsaanpak met begeleiding kan ook helpen. Het laag-FODMAP-dieet, waarbij je tijdelijk bepaalde slecht opneembare koolhydraten beperkt, vermindert bij PDS-D bij een deel van de mensen de klachten.10 Het is bedoeld als tijdelijke test, en je doet het het beste samen met een diëtist, zodat je zo veel mogelijk blijft eten en niets tekortkomt. Hoe de fasen werken, lees je in het artikel over het laag-FODMAP-dieet.

Voor de buikkramp die vaak met PDS-D meekomt, is pepermuntolie een van de best onderbouwde opties. Het ontspant de darmspier, en in onderzoek vermindert het bij een deel van de mensen de algemene klachten.11 Het is bij de drogist of apotheek te krijgen, en overleg het met je huisarts of apotheker als je andere medicatie gebruikt. Meer hierover staat bij pepermuntolie bij PDS.

Omdat spanning je darm versnelt, hoort rust bij de aanpak. Ontspanningsoefeningen, een rustiger ademhaling en aandacht voor je herstel verlagen de prikkelbaarheid. Voor wie er meer mee wil, zijn er goed onderbouwde vormen van begeleiding zoals cognitieve gedragstherapie, hypnose en mindfulness. Die werken op de aansturing vanuit je brein en je zenuwstelsel, en geven bij veel mensen een gedeeltelijke, blijvende vermindering van de klachten.12

Soms is een medicijn een welkome steun, bijvoorbeeld om de aandrang te remmen op momenten dat je echt niet weg kunt. Welk middel past, hoort thuis bij je huisarts, die je situatie kent. Dit artikel geeft daar bewust geen doseringen of merknamen bij, want dat is maatwerk van je arts.

Wil je de spanning aanpakken die je darm aanjaagt? Juist op die wisselwerking tussen je hoofd en je darm richt Praktijk Vincerò zich, complementair aan de zorg van je huisarts. We werken onder meer met hypnose, cognitieve gedragstherapie en mindfulness om je zenuwstelsel rustiger te laten reageren. Een vrijblijvende kennismaking kan een eerste stap zijn.

Wanneer je naar de huisarts gaat

PDS is een diagnose die de huisarts stelt nadat andere dingen zijn uitgesloten. De meeste diarree bij PDS is onschuldig, al horen sommige signalen altijd nagekeken te worden.

Ga langs bij je huisarts als je bloed bij de ontlasting ziet, onbedoeld afvalt, of als de diarree je ’s nachts wakker maakt. Wees ook alert als je klachten voor het eerst beginnen na je vijftigste, bij koorts, bij bloedarmoede, of als darmkanker, coeliakie of een chronische darmontsteking zoals de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa in je familie voorkomt.13 Zulke signalen betekenen zelden dat er iets ernstigs speelt, en ze horen wel eerst onderzocht te worden. Met eenvoudig onderzoek, zoals een ontlastingstest op een ontstekingswaarde, kan de huisarts vaak snel geruststellen of gericht verder kijken. Twijfel je of het PDS is of iets anders, lees dan het artikel over PDS of toch iets anders. Vraag je je vooral af of PDS gevaarlijk is, dan gaat een apart artikel daar feitelijk op in. Betrouwbare uitleg om je bezoek voor te bereiden staat op Thuisarts.nl.

Waarom de angst voor aandrang meespeelt

Bij PDS-D draait veel om de aandrang die ineens kan opkomen. De angst om geen wc te halen gaat bij veel mensen een eigen leven leiden. Je mijdt reizen, vergaderingen of etentjes, of je eet van tevoren bewust niets om veilig te zitten. Heel begrijpelijk, en tegelijk zit daar een addertje onder het gras: diezelfde angst zet je lichaam in de alarmstand die je darm versnelt, waardoor de kans op aandrang juist groter wordt. Zo houdt de vrees voor de klacht de klacht mee in stand.

Een bekend patroon werkt zo. Iemand durft een korte treinrit niet meer aan, slaat voor de zekerheid het ontbijt over, en merkt dan dat de buik op de rit zelf des te meer protesteert. De voorzorg voedt de spanning, en de spanning voedt de darm. Dat betekent niet dat het “tussen je oren” zit, maar dat je naast je darm ook de spanning eromheen mag aanpakken, en dat dat loont. Kleine stappen werken het best, bijvoorbeeld een rit of een uitje waarbij je vooraf weet waar de wc is, zodat je lijf gaandeweg leert dat het meevalt. Wanneer de vermijding je wereld klein maakt, kan begeleiding gericht op toiletangst bij PDS verschil maken. De PDS Belangenorganisatie bundelt herkenbare ervaringen en praktische tips.14

Zo krijg je stap voor stap meer grip

Leven met PDS-D voelt soms alsof je darm je agenda bepaalt. Toch valt er meer te sturen dan je in een slechte week denkt. Het begint vaak met patroon herkennen. Houd een paar weken kort bij wat je at, hoe je sliep en hoe gespannen je was, en kijk wat samenhangt met je slechte dagen. Zo leer je je eigen triggers kennen, en welke factoren een opvlamming uitlokken verschilt per persoon.

Verander daarna één ding tegelijk, en geef het de tijd. Gooi je alles tegelijk om, dan weet je achteraf niet wat hielp. Begin met de aanpassing die voor jou het makkelijkst vol te houden is, bijvoorbeeld rustiger eten of een vaste ontspanningsoefening op een lastig moment van de dag. Verwacht een geleidelijke lijn met mindere dagen ertussen, want dat hoort erbij. Hoe je stap voor stap meer regie pakt, lees je in het artikel over grip krijgen op je PDS-klachten.

Wees mild voor jezelf onderweg. Schaamte rond diarree en aandrang is begrijpelijk, en tegelijk maakt ze de spanning groter en daarmee vaak ook de klacht. Je hoeft je niet te verontschuldigen voor een darm die overgevoelig is afgesteld. Hoe rustiger je ermee leert omgaan, hoe minder hard je darm meestal terugduwt.

Veelgestelde vragen

Is diarree bij PDS gevaarlijk?

Op zichzelf niet. PDS beschadigt je darm niet en leidt niet tot ernstige ziekten. Wel horen alarmsignalen zoals bloed, gewichtsverlies of nachtelijke diarree nagekeken te worden, omdat die buiten PDS vallen. Is dat uitgesloten, dan is de diarree vooral vervelend en verder niet bedreigend.

Helpt een middel tegen diarree zoals loperamide?

Zo’n middel vertraagt de darm en remt de aandrang, wat handig is op momenten dat je echt niet weg kunt. Het neemt de oorzaak niet weg en is een oplossing voor de korte termijn. Overleg het gebruik met je huisarts, zeker als je het vaker nodig hebt.

Moet ik FODMAP’s helemaal schrappen?

Nee. Een laag-FODMAP-aanpak is een tijdelijke test om te zien welke prikkels jou dwarszitten, en geen blijvend streng dieet. Je doet het het beste met een diëtist, zodat je daarna zo veel mogelijk weer toevoegt.

Waarom is mijn diarree ’s ochtends en na het eten erger?

Je darm is na het opstaan en na een maaltijd het actiefst. De gastrocolische reflex, de prikkel die je darm in beweging zet als er eten in je maag komt, is bij PDS versterkt. Na het eten komt er een golf serotonine vrij die de darm aanzet, en bij PDS-D pakt die golf te sterk uit.

Kan PDS-D vanzelf veranderen of overgaan?

PDS verloopt in golven, met betere en slechtere periodes. De vorm kan na verloop van tijd verschuiven, bijvoorbeeld van diarree naar een gemengd patroon. Bij sommige mensen worden de klachten met de jaren milder, bij anderen blijven ze aanwezig maar beter hanteerbaar. Een aanpak die de prikkelbaarheid laag houdt, maakt de goede periodes langer.

Rustiger water, stap voor stap

Diarree bij PDS komt van een overgevoelig systeem dat te snel werkt, en juist dat valt te kalmeren. Kies één ding om mee te beginnen, geef het een paar weken, en bouw van daaruit verder. Merk je een behandelbare oorzaak zoals galzuren die de darm slecht opneemt, dan kan je arts daar gericht iets aan doen.

Wil je dit niet alleen uitzoeken? Praktijk Vincerò begeleidt je complementair, naast de zorg van je huisarts, met aandacht voor de wisselwerking tussen je hoofd en je darm. Denk aan hypnose, cognitieve gedragstherapie, ACT of mindfulness, gericht op een rustiger reagerend zenuwstelsel. Je bent welkom voor een vrijblijvende kennismaking.

Bronnen

  1. Lacy BE, Mearin F, Chang L, e.a. Bowel Disorders (Rome IV). Gastroenterology, 2016. Bron voor de indeling in subtypen. Rome IV is het kader van de Nederlandse richtlijn; internationaal verscheen in 2026 de opvolger Rome V, waarvan de exacte afkappunten per subtype nog niet uit een primaire bron zijn te bevestigen.
  2. Sperber AD, Bangdiwala SI, Drossman DA, e.a. Worldwide Prevalence and Burden of Functional Gastrointestinal Disorders, Rome Foundation Global Study. Gastroenterology, 2021.
  3. Crowell MD. Role of serotonin in the pathophysiology of the irritable bowel syndrome. British Journal of Pharmacology, 2004.
  4. Atkinson W, Lockhart S, Whorwell PJ, e.a. Subtype-specifieke afwijkingen in serotonine na de maaltijd bij PDS (verhoogd bij diarree, afgevlakt bij verstopping). Gastroenterology, 2006.
  5. Mertz H, Naliboff B, Munakata J, e.a. Verlaagde pijndrempels in de darm (viscerale overgevoeligheid) bij PDS, barostatonderzoek. Gastroenterology, 1995.
  6. Chang L, e.a. Aanwijzingen voor een ontregelde stress-as (HPA-as) bij PDS; een samenhang tussen stress en darmfunctie, geen bewezen oorzaak. Neurogastroenterology & Motility, 2009.
  7. Klem F, Wadhwa A, Prokop LJ, e.a. Prevalentie, risicofactoren en uitkomsten van post-infectieuze PDS, meta-analyse. Gastroenterology, 2017.
  8. Slattery SA, Niaz O, Aziz Q, e.a. Galzuurmalabsorptie bij diarree-PDS, systematische review en meta-analyse. Alimentary Pharmacology & Therapeutics, 2015.
  9. Moayyedi P, Quigley EMM, Lacy BE, e.a. Effect van vezels bij PDS, systematische review en meta-analyse. American Journal of Gastroenterology, 2014.
  10. Eswaran SL, Chey WD, Han-Markey T, e.a. Gerandomiseerde studie laag-FODMAP-dieet bij PDS-D. American Journal of Gastroenterology, 2016.
  11. Black CJ, Yuan Y, Selinger CP, e.a. Farmacologische behandelvormen bij PDS, netwerk-meta-analyse (pepermuntolie). The Lancet Gastroenterology & Hepatology, 2020.
  12. Laird KT, Tanner-Smith EE, Russell AC, e.a. Korte- en langetermijneffecten van psychologische behandelvormen bij PDS, meta-analyse. Clinical Gastroenterology & Hepatology, 2016.
  13. NHG-Standaard Prikkelbaredarmsyndroom (PDS) en de Multidisciplinaire richtlijn PDS (NVMDL/NHG), 2022 (diagnose, alarmsymptomen en behandeling).
  14. Voorlichting: Thuisarts.nl (prikkelbaredarmsyndroom) en de PDS Belangenorganisatie (PDSB).

Gepubliceerd op 24 juni 2026. Laatst bijgewerkt op 10 juli 2026.

Dit artikel is met zorg samengesteld, maar kan onvolledig of onjuist zijn en vormt algemene informatie, geen persoonlijk medisch advies. Raadpleeg bij klachten of twijfel altijd je huisarts of een bevoegde behandelaar; Praktijk Vincerò is niet aansprakelijk voor keuzes op basis van deze tekst.

De auteur

Youri Kramer, Psychosociaal Therapeut i.o. en eigenaar van Praktijk Vincerò in Almere. Hij begeleidt mensen met PDS, chronische pijn en fibromyalgie met hypnotherapie, CGT, ACT en mindfulness, altijd complementair aan de zorg van huisarts of specialist.

Youri Kramer


Tags

PDS


Relevante artikelen